2023 Citaten / Citations / Quotes

Uit elke brief voor nu wordt een citaat gepubliceerd, met vermelding van de voornaam of aanspreking van de overledene.

Une citation est extraite de chaque lettre pour maintenant pour être publiée, avec la mention du prénom ou l'appellation du défunt.


From all our ‘letters for now’ we publish a quote, anonymously. We only state the dead person’s name or the name this person was known by.

Ik zou graag hebben dat dit wordt opgelost maar dit gaat zomaar niet.

(uit: brief aan pépe Dirk)


Ik zal moeten afscheid nemen van jou en van een mogelijk derde kindje in ons huis.

Ik moet proberen om even gelukkig te worden met wat we al hadden voor het moment dat jij als verrassing bij ons kwam...

(uit: brief aan mijn zaadje, pitje, wormpje...)


Ik, ik probeerde mijn verdriet aan de kant te zetten en voor bompa klaar te staan.

Nog steeds doe ik dit.

Jij en ik bobonne, wij hadden een speciale band samen.

We konden niet zonder elkaar en toch hadden we steeds onze discussies samen.

(uit: brief aan liefste bobonne)


Wat ben ik blij dat je 20 jaar geleden mijn leven bent binnengewandeld. Je hebt mij en mijn wereld mooier gemaakt.

(uit: brief aan mijn grote Beer)


Ik vind het leuk dat je mijn papa was, want een papa zoals jij is bijzonder.

Ik heb een andere kant gekozen, de kant om gelukkig te zijn.

(uit: brief aan liefste papa, Gijs)


Even bij jou mijn hart luchten, zonder dat iemand dat ziet.

Even jou deelgenoot laten zijn van mijn fijne momenten en luisteren naar jouw complimenten.

We hebben zo mooie herinneringen aan momenten groot & klein.

(uit: brief aan lieve William)


Jij, jij was/bent mijn maatje, mijn allerbeste schat, mijn steun en toeverlaat, mijn... gewoonweg alles.

Je was de man waar ik oud mee ging worden.

Ik blijf nog met heel veel vragen zitten en voel mij nog vaak erg schuldig omdat ik jouw innerlijke strijd niet heb gezien, niet heb aangevoeld, dat ik niet de juiste vragen heb gesteld, omdat ik je niet heb kunnen/mogen helpen.

Het helemaal verstaan of begrijpen ga ik nooit denk ik, maar kwaad ben ik helemaal niet op jouw. Dit verdien je gewoonweg niet.

(uit: brief aan Alex, schatje)


Ik mis je, je was veel te jong toen je overleden bent, nog maar 69 jaar oud.

(uit: brief aan beste oma)


Zo aan je sterfbed te zitten wachten... een dubbel gevoel... wilde je liever hier houden, toch mocht je gaan, ik wilde dat je rust vond - géén pijn meer...

(uit: brief aan lieve mams)


... Ik mis je lieve Lobbeke...
Misschien was ik maar een klein stukje in jouw levenspuzzel, maar zonder mijn stukje is jouw puzzel nooit helemaal compleet... dat is nu mijn troost...

(uit: brief aan lieve Marc, lieve Lobbeke, lieve Katmandu)


Ik was zo bang van de onzekerheid die door mij heen ging dat dit soms de bovenhand nam in mijn gevoelens.

Ik hoop dat je nooit gevoeld moet hebben dat je niet gewernst was, want dat was je zeker wel.

(uit: brief aan mijn 4de kindje)


Ik hoop dat je trots bent op mij. Ik hoop dat je trots bent op de persoon die ik ben geworden. Ik heb nog veel stappen te zetten, maar ik doe mijn best. Ik probeer de hulp te aanvaarden die ik krijg en ervoor te zorgen dat je altijd blijft voortbestaan. Ik zal alles en iedereen vertellen over jou zodat je nooit vergeten wordt, ook als ik er niet meer ben.

(uit: brief aan liefste papa)


Je moet het een plekje geven, hoor ik zo vaak. Maar er bestaat geen plek voor dit verdriet. Alsof de natuur dat niet heeft ontworpen. Een huisje om in te groeien, twee armen om je lief te hebben, een hart om in groot te worden. Maar geen plek om zulk verdriet in te steken.

(uit: brief aan liefste Cas, mijn hartendief)


Lieve Anna, ik wil je nog iets vertellen. Elke dag komen er leuke herinneringen voorbij zoals vol au vent eten, de balletjes niet meer kunnen delen.

(uit: brief aan lieve Anna)


Graag had ik met jou nog kunnen genieten wanneer je een ijsje bestelde en met veel smaak opat terwijl ik een koffie dronk.

(uit: brief aan lieve mama)


Lieve Jef, ik vind het lastig om een einde te schrijven aan deze brief. Het voelt bijna opnieuw als afscheid nemen. Al heb ik recent beseft dat ik dat misschien niet echt gedaan heb. Dat ik toen heel erg bezig was met wat anderen nodig hadden en dat ik te weinig heb stilgestaan bij mijn eigen verlies en verdriet.

Ik hoop dat je veilig aan de overkant geraakt bent.

(uit: brief aan lieve Jef)


Ik heb je nooit kunnen loslaten, zelfs nu nog niet.

Er is zoveel gebeurd, we hebben zoveel meegemaakt.

Ik trachtte er te steeds te zijn voor jou, hoe moeilijk en pijnlijk dit ook was.

(uit: brief aan Anke)


De grote wens die je meermaals uitte tijdens jouw ziek-zijn de laatste jaren was: "Blijf goed overeenkomen." Vanuit de hemel zal je al gezien hebben dat we na zovele jaren jouw wens nog altijd tot vervulling brengen.

Inderdaad, alle kinderen en kleinkinderen blijven nog steeds één!

(uit: brief aan allerliefste moeder)


Hoe graag zou ik jou nog eens in mijn armen nemen, spelletjes met je spelen! Hoe graag zou ik je willen voelen, horen, zien en je vrolijkheid zachtjes in me opnemen. Zeg maar, een tedere kus op je wangetjes drukken en je huid op huid even voelen. Je was mijn hartendiefje, mijn engeltje, of was je een lief bengeltje?

(uit: brief aan liefste Ericje)


Ik heb jullie zoveel mogelijk nabij geweest in die momenten van verdriet en gemis. Want ik was bij jullie thuis: toen onze ouders overleden waren en ik en jij en de andere broers geen thuis meer hadden zie jij en je vrouw tegen mij: "Nu is bij ons je thuis, als je in verlof zijn kom je bij ons, wij hebben een kamer vrij"... dat trof mij werkelijk.

(uit: brief aan lieve broer Remi)


Alles bewaar ik in mijn hart. En jij bent er altijd bij. Bij mij. Jij woont in mijn hart en ik neem je overal mee.

(uit: brief aan liefste mama)


Er zijn zoveel momenten dat ik op een ladder zou willen klimmen. Om je even op te halen, te omarmen met alle liefde die ik heb, en deze liefde in veelvoud aan jou terug te geven.

(uit: brief aan lieve, liefste Jacqueline)


Ge zijt er nog altijd. Ik zie je niet meer, ik hoor je niet meer, maar toch zijt ge er!

(uit: brief aan lieve medezuster)


Ben jij mijn vredebrenger door alle stormen van het leven? Ik zou het bijna geloven, want wat in mijn leven gebeurt is niet van deze wereld. Dat is bovenaards, goddellijk?, of ben jij mijn engelbewaarder? Mijn draadloze verbinding naar hierboven? Wie zal het zeggen. Wellicht kom ik het pas te weten als ook ik hier het aardse leven verlaat.

(uit: brief aan Ines, lieve schat)


Ik wil je danken voor wat ik heb gekregen, waarvoor ik te weinig heb bedankt.
(uit: brief aan vader en moeder, broer Benny en Magda)


Gelukkig was ik bij jou op je laatste moment, ik mocht je ogen zelf sluiten. Voorgoed.

(uit: brief aan lieveling)


Ik voel nu nog je hand op mijn schouder, het komt wel in orde zusje.

(uit: brief aan mijn lieve broer Louis)


Hoe je daar - warm ingeduffeld - vanuit je rolstoel met jouw grote blauwe ogen keek naar de golven die kwamen en weer gingen. Je blik op oneindig wiegde je mee met het geluid van de golven. Het was daar dat je de vraag stelde die je - denk ik - al lang in je hoofdje had. "Ga ik dood of beloof je mij dat we nog eens terugkomen."

Ik weet dat je mama en ik elkaar aankeken met een angstige blik want wat moesten we doen, eerlijk zijn of liegen?

Ik heb je toen beloofd terug te komen naar de kust om te dansen op het strand en in het water.

(uit: brief aan mijn kleine kapoen)


"If you happen to see

the most beautiful girl in the world

and if you did

tell her I love her

tell her I need her..."

(uit: brief aan Marguerite, mijn droom van een echtgenote)


De pijn om jouw verlies zit heel diep, ik kom er niet vaak dichtbij - door dit briefschrijven toch wel. Ik wou dat ik meer had kunnen doen in je laatste uren, dat ik langer & rustiger bij jou was gebleven. Dat we hadden kunnen spreken met elkaar, want we waren babbelaars. We verstilden, maar het praten ging door in mijn hart, dag en nacht.

(uit: brief aan lieve papa)


"Wat in het verleden ligt, keert niet terug, maar als het stralend eindigd, gloeit het nog lang na."

(uit: brief aan lieve mama)


Ik kan je niet schrijven hoe hard ik je mis. Het gemis lijkt steeds groter te worden... Na 11 maanden kan ik het nog steeds geen plaats geven, nog niet geloven,...

Ik probeer zoals je me vroeg verder te leven zoals ik bezig was,... Ik doe mijn best, maar het is en blijft zeer moeilijk.

(uit: brief aan liefste keppe)


Als geen ander kon je mij uitwuiven. Hartelijk lachend, met de typische handzwaai, tót we uit elkaars blikveld verdwenen. Ook al zijn we al 7 jaar niet meer in elkaars bereik, ik wuif u graag toe en fluister in de wind: "Ik zie je nu meer dan ooit, merci om wie je, in alle subtiliteit was..."

(uit: brief aan liefste pepe Moorsel)


Ik laat bij Kerst & Nieuwjaar een lege stoel staan aan de tafel, dan zie ik je erbij en we zullen het veel over ons hebben.

(uit: brief aan liefste Albert)


Overlaatst droomde ik dat je me zo teder omarmde en zei dat je me bewonderde om wat ik allemaal deed. Nog dikwijls hul ik mij in die warme droom.

(uit: brief aan lieve papa)


Lieve, lieve Lou wat mis ik je maar weet dat je altijd bij me bent. En Zoals ieder jaar de bomen hun blad verliezen, verliezen wij ook een klein stukje verdriet. En wanneer de bomen terug blad krijgen, komen alle mooie herinneringen aan jou terug.

(uit: brief aan lieve Lou)


Ik voel tevredenheid over hoe je mij vorm gegeven hebt. De tijd lijkt een brug waarover ik zo dikwijls terug bij jou kom.

(uit: brief aan lieve pa)


Je zoveel, op zoveel momenten missen had ik me niet kunnen voorstellen. Doordat jij er niet meer bent is er ook een stukje van mezelf met je mee weggegaan.

Veel goeie herinneringen kan ik oproepen. Ze leveren me steeds lichtheid & een glimlach op.

(uit: brief aan lieve Marleen)


Weet wel lieve Marcel, je blijft in onze harten en gedachten. Jouw plaats aan de tafel zal er alltijd zijn. Nooit zal jij vergeten worden. Tot op heden glimlach ik nog als ik over jou praat of althans ik probeer dat want het verdriet zal nooit weggaan.

(uit: brief aan lieve Marcel)


Ik zou zo graag uw stem willen horen, zoveel te vertellen... al wat er al gebeurd is.

(uit: brief aan liefste schat)


Jij dierf alle moeilijkste beklimmingen en ijswanden aan, want schrik en bang zijn stond niet in je woordenboek.

(uit: brief aan liefste man Guido)


Lieve, lieve broer ik zou nog zoveel over je kunnen vertellen, hoe je in het leven stond.
(uit: brief aan mijn allerliefste broer)


You left a mark on my heart that will never fade. Verdikke Robbe, je was zo'n mooi mens! Unable are the loved ones to die for love is immortality.

(uit: brief aan Robbe, poepie)


Nee, ik geloof nog steeds niet in een God of dat het kindje op haar arm 'de Messias' is. Maar ik geloof wel in de liefde van een moeder voor haar kinderen - kleinkinderen, achterkleinkinderen...
Ik geloof dat dit de sterkste band is die er bestaat, boven alle andere verheven. Na jou, met jou, is dit beeld daar voor mij ergens de vertegenwoordiging van geworden en elke keer als ik zo'n mooi beeld kan ontdekken, een kaarsje kan doen branden, voel ik me meer dan ooit met jou verbonden.

(uit: brief aan mijn lieve Sophia, mijn kleine twinkelster, voor altijd mijn eerste kleinkind)


Noch papa, noch nonkel of tante konden me over jou vertellen en ik durfde niets te vragen. Het verdriet was zo immens dat het zelfs niet aangeraakt mocht worden. Het deed pijn mama, ik voelde me alleen en verdrietig. Ik vroeg me af of je me nog in je armen genomen hebt, gezoend, gezegend, getroost of gestreeld in de dagen dat je aan het doodgaan was.

Het moet verschrikkelijk geweest zijn om je kind te moeten achterlaten.

(uit: brief aan jou, mama)


Lieve, lieve Griet. Het doet zo ontzettend pijn je niet meer bij ons te hebben. We kunnen ons alleen maar optrekken aan je altijd positieve ingesteldheid. We kunnen het nog altijd niet vatten: je nooit meer zien, je nooit meer voelen, nooit meer knuffelen. Rust nu maar. Waar je ook vertoeft, blijf zoals je altijd was.

(uit: brief aan ons Grietje in de hemel)


Weet ma, dat we je nooit zullen vergeten. Je zit voor eeuwig in ons hart en in al de kleine dingen, die ons aan jou doen denken.

(uit: brief aan ma of moeder)


Dagdagelijks gaat dit alles door mijn hoofd. ik ben nog steeds zeer verdrietig, triest en mijn hart is pijnlijk.

(uit: brief aan Jeroen)


Weer bijna kerstmis, weer eentje zonder jou. Hoe graag zou ik nog eens praten met jou, luisteren naar je wijze raad, wat een wijze, warme vrouw was jij toch.

(uit: brief aan lieve moe)


Ik koester ons laatste moment. Ik was er bij toen je stierf... héél toevallig. Was het een toeval dat ik nog even bij jullie binnensprong die avond of wist ik onbewust dat er iets was? Jij en ik alleen in de kamer... die laatste blik ... en plots was je onverwachts weg. Ik had je vast en ben blij dat ik gezien heb dat je niet bang was...

(uit: brief aan va)


De laatste maanden is gebleken dat het niet eenvoudig is om het verleden met de toekomst te verzoenen, en een balans te vinden tussen vreugde en verdriet. Dat het evenwicht enorm broos is blijkt des te meer wanneer de pijn van je te moeten missen ongenadig toeslaat, hard en uit het niets. Het is voortdurend zoeken om het leven te hernemen, je daarin mee te nemen, wetende dat niets nog hetzelfde kan zijn! De fierheid om wie je was zijn we nog steeds niet verloren maar eerlijk: je moeten missen in het hier en nu dat zal nooit wennen, waar je ook bent, we zien je graag.

(uit: brief aan lieve Elien)


Dat mooie jaar met intense momenten heeft de kinderen geholpen om je stevig en mooi te herinneren. Op de laatste dagen en weken na was het een sterk jaar met veel levens- en liefdeskwaliteit.

(uit: brief aan lieve Carmen)


Ik weet dat je niet graag houdt van sentimenteel gedoe, maar we hebben in onze tuin een eik geplant voor jou. Een eik groeit traag, wordt oud en is het beste hout. Dat heb ik van jou geleerd.

Ergens onder onze boom hou je mij in de gaten, je sigaretje in de hand, al denkend, wat is ze nu toch weer aan het doen...

(uit: brief aan Jos, mijn ventje)


Ik weet niet hoe het is aan de overkant, maar soms krijgen we wel een teken, denken we, van jou in de vorm van een koolwitje.

(uit: brief aan lieve schat)


We missen je altijd, maar liefde is sterker dan de dood, ik draag je bij me tot ik je weerzie. Ik vergeet je niet!

mama, mocht ik alle woorden gebruiken die er bestonden, dan kon ik je niet zeggen hoe graag dat ik jou zie. Mocht ik alle woorden gebruiken die er bestaan, dan kon ik nog niet zeggen hoeveel ik jou mis.

(uit: brief aan liefste mama)


Stiekem hoop ik dat je je daarboven nog steeds vol zorg kan inzetten voor een goede afloop voor papa. Lange tijd dacht ik dat je mijn belangrijkste steunpilaar was die nu was ingestort. Ik zocht je wanhopig in boeken, in de bergen, tijdens het zingen, het wandelen en tijdens het eenzame huilen. Langzaamaan besef ik echter dat je steun er nog steeds is.

(uit: brief aan mama)


Ik blijf met zoveel vragen achter, vragen waar ik nooit een antwoord zal op krijgen. Waarom laat je op deze manier iedereen achter? Er zijn zoveel mensen die je zo graag zien.

En geloof me, dat zijn er meer dan je ooit geloofde.

(uit: brief aan liefste Bie, liefste Geert)


Ik word het maar niet gewoon zonder de sterke man naast mij, aan tafel, in de zetel, een leeg huis als ik thuis kom met enkel je geliefde kat die naar aaitjes vraagt en zich afvraagd waar haar baasje blijft.

(uit: brief aan mijn allerliefste schat)


Die grote handen... verweerd van de vele handenarbeid, altijd bezig: hout hakken, meteselen, knutselen, het vele landswerk in de moestuin, je wou bezig blijven en je kon die lijn doortrekken tot op hoge leeftijd.

(uit: brief aan liefste vader)


De wonden die ons aan zijn gedaan zijn zo diep dat die met de parel van onze liefde niet zijn te dichten.

(uit: brief aan liefste Stefan)


Ik weet niet wat jij als toekomst voor ogen had, over zulke zaken spraken wij niet, maar ik had liever een kindertijd/tienertijd gehad waarbij ik niet constant op mijn hoede moest zijn.

Ik ben nog volop aan het bekomen van de jarenlange stress die je mij (en de rest van de familie) bezorgde en ik probeer te wennen aan het idee dat ik veilig ben.

(uit: brief aan Bart)


Ik ben niet zoals de anderen.
Een aan zijn tong vastgenagelde hond.
Ik ben een hete wolf in deze koude wereld.

Ik ben hier vreemd.

Ik spreek een andere taal.

(uit: brief aan Christine)


Het is nu tijd om dit hoofdstuk achterwege te laten.

Het is nu tijd om te tonen wie ik wil zijn. En mijn grootste wens zou zijn dat ik alles met jou nog zou kunnen delen en dat ik alles met jou nog zou kunnen bespreken, jou mijn mijn pijnen vertellen, zonder je te veroordelen; maar dat we elkaar zouden zien in een ander perspectief en dan zou je misschien begrijpen en aanvaarden dat ik verlangens had en dat het kleine meisje toen zo angstig was maar dat niet wilde tonen om haar mama te sparen.

(uit: brief aan mijn mama)


En... we vieren het leven, dit is wat jullie ons leerden, de kunst van het samenzijn, niet groots, maar genietend van de kleine dingen.

Lieve mama en papa, we stellen het allemaal prima en doen verder in de geest dat we van jullie leerden.

(uit: brief aan lieve mama en papa)


Jullie werden geboren en onze liefde voor jullie was groots. We hebben jullie geknuffeld, gezoend en jullie hoofdjes gevuld met enkel liefde door hartjes te tekenen met mijn vinger over jullie gezicht. Ik was zo trots en vol liefde voor jullie. Jullie waren zo mooi en bijzonder. Jullie hebben mij toen gevraagd om jullie los te laten en dat heb ik gedaan. Loslaten in het zijn zonder verwachtingen of verplichtingen. Loslaten om totaal vrij te zijn. Jullie energie is vrij. Tussen ons is er het grootste vertrouwen & liefde zodat jullie altijd weten waar wij zijn maar jullie zijn vrij. Jullie hoeven geen sterretje te zijn, niet te waken over ons of jullie twee kleine zusjes. Jullie mogen alles maar moeten niks.

(uit: brief aan liefste hartendriesje, mijn sterke Dries, mijn zoon, mijn alles en liefste snoezeloes, mijn vuurwerk, mijn eerste dochter, mijn alles)


"Ik doe wat jij wil

ogen open, verder gaan

Doen wat jij wou, Koen..."

(uit: brief aan Koen)


... ik heb je nog een laatste keer kunnen zeggen hoe mooi je was, hoe blij ik was dat ik jou in mijn leven mocht hebben... ik heb je gezegd dat ik je in mijn hart meedraag... ik heb je gezegd dat het goed was om los te laten, het was genoeg geweest, neem nu maar de rust waar je zo naar verlangde...

(uit: brief aan lieve Diane)


Moeke Mia en ik hebben 9 mooie jaren beleefd, waarom heeft dit niet langer mogen duren?

Ik zeg: nog in geen 100.000 jaar vind je nog zo'n vrouw!

(uit: brief aan moeke Mia)


Het was iedere morgen een mooi moment om je voorzichtig wakker te maken... je strekte steeds je armen om me te omhelzen... je was zo dankbaar voor de hulp die we je gaven...

Wat doet het pijn je te moeten loslaten... zo onverwacht... en ik ben zo dankbaar dat ik je nog even kon zien...

(uit: brief aan lieve mooie Roger)


Op dit moment voel ik me een klein gekwetst vogeltje. 40 jaar lang vloog ik op jullie sterke vleugels onbezorgd en gelukkig door het leven. Jullie, mijn houvast. Echter nu ben ik bang, bang of ik ooit nog onbezorgd de lente zal invliegen. Die eerste lente zonder jullie alle vier.

Hopelijk komen die sterke vleugels terug, hopelijk lukt het zonder jullie op aarde maar met jullie in mijn hart.

Vier bijzondere mensen, die mij mee gemaakt hebben tot wie ik nu ben.

(uit: brief aan liefste bomma's, liefste bompa's)


Ik heb lang gezocht naar waar je was. Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat ik geworden ben wie ik ben door jou. Jij bent geworden wie je bent door mij. We hebben elkaar mee vorm gegeven. Dat betekent ook dat jij in mij bent. Dat is een goede gedachte.

Weet je wat het allermooiste was dat je ooit tegen me zei? Dat we elkaar in een volgend leven vroeger gaan beginnen zoeken. Ik hoop zo dat dit op een of andere manier écht kon.

(uit: brief aan mijn allerliefste ridder, mijn allerliefste Dirk)


Samen lachen en vertellen over vroeger is verleden tijd. Maar ik onthou wat mooi en gezellig was, jullie mooie lach en stel en laatste hulp vergeet ik nooit.

(uit: brief aan mijn lieve Moeke, mijn zussen, Greta, Vera en broers Marc en Luc)


"A winner is a dreamer who never gives up."

(uit: brief aan mijn lieve Johan)


Ik mis je elke dag meer en meer, groot is het gemis, stil verdriet want het leven gaat verder.

Elke avond stuur ik je een handzoen en als de regenboog aan de hemel verschijnt weet ik dat je even komt piepen.

(uit: brief aan mijn lieve zoon, Wim)


Sindsdien is er alleen nog een voor en een na. Dit is waarschijnlijk de eerste brief die ik je ooit schrijf. Het is ook de eerste keer dat ik je met 'lieve broer' aanspreek. Dat had ik veel eerder moeten doen, besef ik nu. Al denk ik (hoop ik) wel dat je altijd hebt gevoeld dat ik je graag zag.

(uit: brief aan Koen, lieve broer)


Ik vind je niet, ik wacht, ik zoek, ik roep, Franky waar ben je naar toe?

In bed lig ik te woelen en te draaien, ik kijk naar de hemel en zoek een ster voor jou. Alleen bij heldere hemel zie ik je dan staan.

Je was onze rots in de branding, niet alleen voor mij, maar voor iedereen.

(uit: brief aan Jonge)


Ik weet dat je er nog bent, maar dan in mijn hart en in mijn herinneringen.

(uit: brief aan mijn liefste bompa)


Ik heb nog altijd heel absurde dromen die ik in vrij groot detail kan navertellen. Heel soms droom ik ook over jou. Een paar maanden geleden nog, was je in mijn droom opeens na 13 jaar weer thuisgekomen.

(uit: brief aan papa)


Heb ik het getoond - laten voelen - dat ik jullie alle 2 zo graag zie?

God, waar ben je nu? Staat de naam van ieder mensenkind in jouw handpalm gegrift?

(uit: brief aan mijn geliefden, mijn leven, mijn verleden met, mijn heden zonder)


"Wil je u kindje nog eens zien, het is een mooi meisje."

Verdrietig, maar o zo blij dat ik mijn meisje efkes in de armen kon houden.

(uit: brief aan Bianca)


Ik zal je 4 meiden blijven steunen waar het nodig mag en zal zijn.

(uit: brief aan Maatje)


Papa, waarom moest je weggaan? Ik heb je nodig, ik weet niet wat ik moet doen. Ik had nog zoveel vragen voor je en volgende maand is het 1 jaar dat je er niet meer bent. Ik mis je zoveel dat ik 's nachts niet kan slapen.

(uit: brief aan papa)


Soms schrik ik van mijn eigen hoe ik zaken heb overgenomen en op dezelfde manier bekijk zoals jij deed.

Wat zou ik graag nog eens samen gewoon buiten zitten op een terras of wandelend in de (moes)tuin, stilzwijgend met elkaar pratend, elkaar begrijpen en aanvoelen.

(uit: brief aan liefste vader)


Gelukkig zie ik je veel in mijn dromen. Ik voel je dan heel dichtbij, maar zou je nog veel liever knuffelen in het echt. Stilaan vinden we allemaal onze weg zonder jou... en met jou, want je bent er altijd bij. Ik heb je zo nodig mama!

(uit: brief aan mama)


Tu me manque énormement. Je chagrin démenue, mais un gros vide reste. Ton sourire, tes yeux, tes baisers, enfin tout me manque.

Je ne sais plus te prendre dans mes bras, ne t'embrasser.

(uit: brief aan mon Bébé d'Amour)


Je suis vraiment désolé nous s'ajour pas pu te dire au revoir a cause de ton décès soudain.

Mais dans notre coeur tu es gravé comme un majestuex condor coubatif des Andes.

(uit: brief aan Arturo)


Onder de kerstboom geen pakje voor jou. Wat deed ik dit graag, het geschikte cadeau uitzoeken voor jou. Maanden op voorhand was ik al aan het denken wat jij leuk zou vinden.

(uit: brief aan lieve schat)


Nu pas besef ik hoe weinig ik je waarschijnlijk verteld heb hoeveel je voor me betekende, hoeveel energie & levenslust je mij gaf, hoeveel je mij deed lachen, hoeveel ik op jou kon rekenen, hoe graag ik jou had.

(uit: brief aan lieve Yari)


Hannelore heeft steeds een bijzondere band met jou gehad. Ze is jouw eerste kleinkind en enige kleindochter. Jullie zijn met elkaar verbonden door jullie liefde voor de koers, jullie rust en het genieten van kleine dingen en gezelligheid.

Dank je pepe, om zo'n fijne grootvader voor Hannelore te zijn. Jij zal altijd verder leven in haar.

(uit: brief aan pepe)


Je was eerder een vader dan een grootvader voor me, en ene met een gouden hart: je was Sinterklaas op het gebied van geven, je was altijd een luisterend oor (en dat mis ik nog het meeste) en je gaf me raad en tips...
Weet je, je was mijn allerbeste vriend!

(uit: brief aan mijn grootvader, mijn vokke)


Weet je Mas, graag zien kan zo eenvoudig zijn... als je op dezelfde golflengte raakt, de juiste snaar raakt... maar soms kost het tijd om die snaar te vinden...

Mijn diepste geloof blijft, dat als je je hart openstelt, respect hebt en echt graag ziet, je die plek ooit vindt... Soms zijn die momenten kort, toch zijn ze zo belangrijk en zo helend zowel voor de bewoners als voor ons, het zorgend personeel.

(uit: brief aan lieve, allerliefste Mas)


Een bloem die uit een betonvloer komt is zeldzaam, zo vergeleek jij mij. Maar jij bent die zeldzame bloem.

Je was een prachtmens met een gouden hart! Ik hou van jou Lander en zal je voor altijd missen.

(uit: brief aan lieve Landieke)


46 ben je geworden, hélaas en veel te vroeg van ons heen gegaan. Het was jouw keuze en dat respecteren we al valt dat zó zwaar.

(uit: brief aan lieve papie Marc)


Het is bijzonder zwaar zonder jou. Met mij gaat het wel. Je mag gerust zijn.

Koen, we zijn echt niet boos op jou. Ik ben héél erg hard geschrokken, maar ben op geen enkel moment boos geweest. Ik was heel graag bij jou geweest op het moment dat je het niet meer zag zitten. Gewoon, zodat je niet alleen hoefde te zijn.

(uit: brief aan lieve broer, Koen)


Je bent er nog steeds in alle mooie herinneringen die je in het hart van je familie gegrift hebt. Vele kleine momenten in het leven wordt er nog aan je gedacht, word je vernoemd. Wordt er gelachen als jouw naam genoemd wordt. Het leven gaat verder, maar niet zonder jou. Want je zit in alle harten van de mensen die je met je liefde geraakt hebt.

(uit: brief aan Vava)


En daarom, liefste zussie, hoop ik op een hele mooie plaats waar jij rust en geluk voelt en waar Noubi geen pijn meer voelt, maar waar jullie weer samen zijn. Waar jullie oneindig veel kunnen knuffelen en de allermooiste ritten kunnen maken!

(uit: brief aan liefste zussie)


Maar wat er ook gebeurt, onze liefde blijft bestaan.
Toch zal ik je heel hard missen

daar moet ik mij van gewissen.

Dat missen doet zo'n pijn,

dat zal blijvend zijn.

(uit: brief aan jou)


Je zal altijd mijn grote liefde blijven in het diepst van mijn hart.

(uit: brief aan jou)


Tijdens de ritjes praatten we over vanalles, letterlijk over alles. Ook zongen we samen liedjes terwijl we zo door de bossen kuierden. Vaak waren het liedjes uit jouw kindertijd die dan op hun beurt ook liedjes uit mijn kindertijd werden. Ik mis die momenten met jou. Ik kuier nog steeds door de bossen met Shari en zing in gedachten nog steeds diezelfde liedjes. Op die manier voel ik mij nog steeds dicht bij jou.

(uit: brief aan lieve papa)


We zijn nu bijna een kwarteeuw verder, ik besef nu meer dan ooit dat de tekst misschien wel eens de samenvatting van jouw leven kan zijn. Zelfs over de dood heen, want de liefde vergaat nooit. Wat toen zo vanzelfsprekend leek, is niet altijd vanzelfsprekend geweest.

(uit: brief aan liefste oma, lieve Agnes)


Je bent nog steeds heel dicht bij ons. In de living bij opa hangt een foto waarop je mooi lacht en met je ogen kijk je ons precies van in alle richtingen aan, we moeten er altijd om lachen.

(uit: brief aan liefste oma)


Ik ben de weg kwijt sinds jij er niet meer bent. Voel geen vertrouwen of alles wel goed kom. Een gids zonder woorden. Nu windstil. En toch stormt het.

(uit: brief aan mama)


Je vrouwtje is zo sterk, Wim. Dat kan alleen maar omdat jij achter haar staat, haar steunt, haar opvangt als ze valt, haar ogen sluit vermits ze zo moe is, haar tranen droogt wanneer ze aan jou denkt.


Je lokt me uit mijn kot, Wim. Soldaatje spelen wordt mijn specialiteit, kampjes bouwen, kastelen bestormen, (veel) gewond geraken door vijandig Mils'geschut. Ik ken er onderwijl alles van.

(uit: brief aan lieve vriend Wim)


Ik heb al een ganse weg afgelegd ondertussen, maar ik mis nog steeds mijn beste vriend van heel de wereld. Ik ben geworden wie ik ben 'dankzij' het verlies, maar ik had je er nooit voor willen afgeven.

(uit: brief aan liefste makker)


"Is er leven na de dood?"

We vroegen het ons steeds weer af. Je zou me het laten weten nadien. Een teken.

Ik zag tekens overal en nergens. Het blijft onbeantwoord.

(uit: brief aan jou)


Van ziel tot ziel.

(uit: brief aan mijn zuster)


Ik ben jou zo dankbaar dat je meegaat op mijn levenspad.

(uit: brief aan liefste Margot)


Papa zei: "Sammie, lach met je hartje, dat is veel mooier."

(uit: brief aan papa)


Ik ben dan op mijn eigen manier op zoek gegaan om afscheid van je te nemen... Ik ben gaan wandelen langs de oude spoorwegroute... Het was mei en de veldbloemen stonden mooi in bloei... Ik ben beginnen plukken tot ik een groot en mooi boeket had...
Lieve Luc, je blijft in mijn hart en ik probeer elke dag opnieuw je boodschap uit te dragen...

(uit: brief aan lieve Luc)


Jouw lach, die er altijd was, inspireert me nog altijd. Hij weerspiegelde jouw kracht en hij vereeuwigd hem in mij. Zo voelt dat. Ik voel jou. Ik voel me gedragen door jou.

(uit: brief aan lieve moemoe)


Ik denk en ondervind nog altijd jullie aanwezigheid. Op het kerkhof laten jullie de zon door de wolken komen...

Mama heeft iets gevonden om me haar aanwezigheid te bevestigen en dat gebeurt heel regelmatig, papa zijn teken is zeldzamer maar daarom niet minder intens.

(uit: brief aan liefste mama en papa)


Het is zwaar, maar om jou alle eer aan te doen, moet ik blijven genieten. Want jij was een levensgenieter. Ik kan alleen maar mijn best doen om jouw schoenen te vullen.

Ik hoop dat je de mensen die je graag zag, dat je die nu terug zal zien.

(uit: brief aan pa)


Hopelijk kreeg je daarna de rust die je nodig had. Het einde van jaren vol ellende (maar ook lichtpunten) en het begin van... ja, van wat?

Wij wisten het niet en weten het nog steeds niet.

Maar wat we wel weten, is dat de pijn, het verdriet, het missen... ons allemaal dichter bij elkaar heeft gebracht.

(uit: brief aan Steven)


Je zag me graag. en... dat was zo voelbaar - zoveel dank voor wie jij was, in al je nederigheid, je armoedig bestaan...

(uit: brief aan liefste zusje, Brigitje)


Nu, ik ben zeker dat ik hier ergens een bestand ‘liefde’ had liggen, maar ik geloof dat ik het ergens verkeerd heb gelegd. Misschien heb ik het in de folder van een ander gestoken. Of niet. Het is mogelijk dat ik mij gewoon vergist heb, dat het nooit bestaan heeft. Het is zeer moeilijk dit soort dingen mooi op een rijtje te houden.

(uit: brief aan jou)


Met andere woorden: als ik troost zoek, of als Afscheid en Verdriet weer eens op mijn schoot zijn geklommen en afwachtend naar me zitten te kijken — wat ga je in de toekomst met ons doen? — geef ik ze allebei een stoel door een goeie gedachte te koesteren, een mooie herinnering op te roepen, en te durven wat ik een beetje vergeten was te durven.

(uit: brief aan M.)


Jouw geheugen is zoveel beter dan het mijne en het doet me pijn, wanneer jij iets oprakelt dat ik niet meer weet. Waardoor je steeds minder oprakelt, en ik steeds meer niet meer weet.

Ik wil de herinneringen die ik me niet herinner vervangen door de herinnering aan de herinnering. Oude herinneringen vervangen door nieuwe herinneringen zoals ik dat sowieso zou doen. Alleen zou ik niet weten dat ik het deed. Het is het weten dat je vergeet dat verdriet veroorzaakt. Ik wil vergeten dat ik ben vergeten.

(uit: brief aan J.)


Je was mijn rots en positieve zonnestraal in het leven. Toen je overleed, werd het donker en had het leven geen zin meer. Ik heb het moeilijk gehad de laatste 10 jaar, maar ik heb de tools die je me hebt geleerd toegepast in mijn leven.

(uit: brief aan lieve mamsie (Lenie)


Je was mijn mooie jongen, mijn oudste zoon. Ik was zo trots op jou. De wereld ging pas open voor jou. Ik had zo graag gezien hoe je zou evolueren tot de 35 jarige man die je nu zou zijn geweest.

Het zal bij dromen blijven.

(uit: brief aan Mathieu)


Ik ben bij u in het bedje gekropen, met mijn hand op uw hart heb ik je laten gaan.

Maar het is zo moeilijk. Ik mis je papa. Dat zal zo zijn, zolang ik leef.

(uit: brief aan lieve papa)


Lieve papa, ik zou alle steentjes ter wereld willen verzamelen om voor jou een groot standbeeld te maken. Zoals jij ook altijd speurde op paden of stranden naar steentjes in de vorm van een hart.

Ik mis je, elk uur van elke dag, maar vooral ben ik dankbaar om jou als papa te hebben gehad.

Ik koester de steentjes die je me gaf.

(uit: brief aan lieve papa, grote held)


Je was er niet, maar je was er wel in ontelbaar kleine dingen.

(uit: brief aan lieve Heidi)


Bedankt voor al die mooie jaren samen, het is alweer 10 jaar geleden sinds je overlijden en ik mis je nog steeds heel erg.

(uit: brief aan lieve Lenie)


Jij stond voor dit afscheid.
Jouw klok tikte voor de ver- en bewoordingen binnen de tijd. De rollende tranen tijdens de goed overwogen getypte zinnen die hun bestemming vonden in de brieven naar je kinderen. Die zwaarte kan ik voor jou met de beste wil niet inschatten.

(uit: brief aan liefste Joris)


Nu voel ik, stukje bij beetje, dat ik je terug wakker maak binnen in mij. Momenteel doet dat zo'n pijn, ik mis je zo hard. Ik wou dat mijn liefde voor jou en mijn gemis een bestemming hadden, ik weet niet zo goed wat ik ermee moet.

Ik hoop dat onze herinneringen en het gemis me het gevoel van verbondenheid geven zodat ik alles rond jou niet langer beschouw als iets pijnlijk, maar als iets dat me juist kracht geeft, en het gevoel dat ik er nooit alleen voor zal staan.

(uit: brief aan papa)


Slaap maar voor eeuwig, op je plekje op het kerkhof, omringd met altijd mooie bloemen.

(uit: brief aan liefste ventje)


Zodra ik wakker word, ben ik blij dat de nieuwe dag begint. Een halve seconde later herinner ik mij dat je er niet meer bent. Dan overspoelt het verdriet, de pijn en het veries mij oeverloos.

Het was jij en ik tegen heel de wereld. Iedereen die het slecht voorhad met jou werd door mij onverbiddelijk aan de kant geschoven.

(uit: brief aan liefste papa Erik)


Lieve Ferre, wat ik de voorbije maand geleerd heb, is hoe intens verbonden je al was in ons leven. Ook al hebben we je niet gekend en zat je goed verstopt in mijn buik, jouw warme nestje. Het was heel fijn je te koesteren en je mee op stap te nemen in mijn leven en ons gezinsleven.

(uit: brief aan liefste Ferre, ons sterrenkindje, geboren na 18 weken zwangerschap)


Ik heb je verdriet aangedaan en dat spijt me enorm. Jammer genoeg heb ik de tijd niet meer gekregen om dat tegen jou persoonlijk te zeggen. Ik heb al 10 jaar een enorm schuldgevoel en kan je dood niet verwerken.

Het was nooit mijn bedoeling om jullie te kwetsen en ik hoop dat je me kunt vergeven.

(uit: brief aan liefste mama)


Ik wil me graag verontschuldigen dat ik je te weinig naar waarde heb geschat. Ik had te weinig door dat jij je liefde op een andere manier liet zien dan hoe ik het zou verwachten.
Ik ben dankbaar dat jij mijn vader was en jij ervoor gezorgd hebt dat ik 'ik' ben.

(uit: brief aan vokke)


Je wordt hard gemist.

Mama vertelt nog veel over jou.

(uit: brief aan liefste bompa)


Met jou had ik de beste verstandhouding. Met jou kon ik het beste praten. Wij tweeën, alletwee gescheiden, begrepen elkaar zonder veel woorden.

Ik mis je nog steeds. Ik heb nooit beseft dat ik zoveel van je hou, dat je zoveel voor mij betekende.

(uit: brief aan lieve broer)


Nu naderen we de eerste verjaardag van de dag dat je gestorven bent. Ik ben nog steeds wel verdrietig en ik zal je altijd blijven missen, maar ik kan het al beter plaatsen en met een glimlach terugblikken op de 17,5 mooie jaren die we samen gehad hebben. Ik heb er vrede mee, want na 87 jaren was het voor jou tijd voor iets anders, wat dat ook moge zijn.

(uit: brief aan allerliefste moeke)


Weet je nog Konijn, mijn lievelingsknuffel? Hij was zo versleten omdat ik hem overal mee neertoe nam waardoor jij een jasje voor hem had gemaakt aangezien hij anders uit elkaar ging vallen. Dit was niet naar mijn wens, in mijn ogen had je dit niet goed gedaan. Maar dankzij jouw reparatie leeft Konijn tot op de dag van vandaag nog steeds. Telkens wanneer ik veel verdriet heb, pak ik Konijn uit mijn kast en knuffel ik hem. Dan voel ik toch heel eventjes dat jij dicht bij mij bent.

(uit: brief aan lieve mama)


Ik had gehoopt dat je nog langer kon bij ons blijven, maar er komt altijd wel een tijd dat je moet weggaan.

(uit: brief aan lieve pépé)


We zouden rond de wereld gaan, desnoods op handen en voeten, om jou nog eenmaal te kunnen ontmoeten. We missen jou iedere dag, mama.

(uit: brief aan Leander)


En elke dag werd hij groter en we praatten dikwijls over jou. Op een dag toonde ik hem tijdens een strandwandeling de plek waar jij ooit je naam in het zand had geschreven, op 'jouw strand'.

Als bij wonder zagen we enkele meters verder, heel klein, de naam 'Ellis' geschreven in het zand. We stonden perplex. Was dit toeval? Of was je écht bij ons die dag? Nooit zullen we dat moment nog vergeten! Zo bijzonder!

(uit: brief aan lieve kleine meid, liefste Ellis)


Ik begrijp jou ook en zonder je te willen vastleggen. Ik wil je niet bewaren zoals ik je vroeger wou bewaren. Ik wil je niet hebben. Ik wil niet dat je sterft omdat ik je wil zien veranderen, verliezen. Ik lieg niet wanneer ik zeg dat ik het oké vind als je ook ooit mij verloor. Je bent niet van mij, maar zolang je leeft, kan je me niet verliezen.

(uit: brief aan lieve J.)


De laatste drie jaar had ik geen contact meer met jou tot mlijn grote verdriet. Maar ik kon je niet meer zien aftakelen. Ik zag je nog altijd zeer graag, ondanks alles. Op 23 juni 2022 ben ik een verjaardagskaartje gaan afgeven. Ik moest je zien, ik kon het niet meer aan zonder jou. We hebben geweend en geknuffeld en zeiden allebei hoe graag we elkaar zagen.

(uit: brief aan Bartje)


... maar vooral dat we goed overeen moesten komen en zorgen voor ma (dat waren je laatste woorden).

Bedankt pa voor alles. Je hulp, je humor en vooral de liefde die we gevoeld hebben van je en dat we gaan doorgeven.

(uit: brief aan pa Alain)


Iedereen mist Pieter, maar Greet heeft nu zo veel schuldgevoelens, ze heeft zich altijd verantwoordelijk gevoeld voor het welzijn van Pieter en ze vindt dat ze iets had moeten merken, dat ze meer had moeten doen voor hem. Ze geraakt echt niet over zijn dood heen.

(uit: brief aan Pieter)


Niet echt hier, maar toch aanwezig

in verhaal, herinnering en gelach

een doldwaas avontuur in de nacht

de wereldburger liep weer even binnen

keek rond en lachte zacht

je was aanwezig en nam afscheid

je bent aanwezig, nog altijd

je bent aanwezig

je bent

(uit: brief aan Mak)


Dat is wat mij te doen staat en waar ik mijn best voor wil doen. De connectie herstellen en voelen dat jij mijn vader bent, dat ik jouw dochter ben, de dochter waar je trots op bent en waar je met heel je energie naar wilt lachen en wilt aanmoedigen om te doen wat nodig is om gelukkig te voelen.

(uit: brief aan lieve papa)


Dagelijks speelt die film af van jouw laatste momenten voor je sliep.

Dan vraag ik me af of ik genoeg gedaan heb. Ik heb momenten dat ik boos ben dat je me alleen gelaten hebt, maar ik weet dat je niet meer kon. En ik weet dat je echt hebt geprobleert want je was geen opgever.
Ik doe echt mijn best en hoop dat je dat van hierboven ziet.

(uit: brief aan mama)


... ik wist niet wat te zeggen, ik heb eens lichtjes in je handen en je arm geknepen, ik kreeg niet veel woorden over mijn lippen... mijn broer nam even het woord om jou te bedanken voor alles.

In naam van alle kinderen, schoonkinderen en kleinkinderen en achterkleinkinderen bezorgde ik je nog een dankkaart in het ziekenhuis, enkele dagen tevoren.

Vake, wat ben ik blij dat je die kaart nog gelezen hebt. Dat gaf me een goed gevoel.

Vake, aan jouw bed voelde ik me zo machteloos, zo hulpeloos, maar ook zo dankbaar en zo sterk... met zo'n voorbeeld van een vader konden we ons alleen maar gelukkig prijzen.

(uit: brief aan liefste vake)


Sinds die donkere dag uit mijn leven voel ik je in elke aanraking met mijn buik, zie ik je in elke tedere streel op de wang van je zusje, hoor ik je in de oorverdovende stilte, ruik ik je in iedere baby die ik omarm. Ik proef je in iedere traan die ik over mijn wangen van herinneringen laat rollen.

(uit: brief aan lief, klein engeltje)


Ik mocht vroeger mijzelf niet zijn, werd als minder beschouwd. Mijn vader was streng en als ik iets niet kon, kreeg ik slaag. Ik moest het in de ogen kijken, zowel thuis als op school werd ik mishandeld. Ik heb op een moment zelf hulp gezocht in beiden.

(uit: brief over mijn vader)


Het is tijd om even stil te staan bij wat jouw moeder voor jou heeft betekend. Zij was vooral een warme, lieve vrouw die alles over had voor haar vier zonen.

Tot slot mag je ook jouw vader niet vergeten die overleed in 2012. Hij was een plichtsbewust en gedreven man die alles deed voor zijn vier zonen.

(uit: brief aan Marc)


Vaak zag ik onzekerheid in je ogen. Maar in de beeldentuin zag ik ze rustig worden.

Open gaan, zodat we even bij elkaar binnen konden kijken. Jij zag mij, ik zag jou. We maakten samen nieuwe beelden. Beeden die nog altijd op mijn netvlies staan. Ook nu je er niet meer bent.
(uit: brief aan Ma-rie)


Wat ben ik nog steeds ontzettend dankbaar voor jou - ons leven samen. Ondertussen zijn de kleinkinderen groot en och wat zou jij fier zijn. Ze zijn zo'n mooie mensen.

... ook van Rotterdam.

(uit: brief aan lieve man)


Ik mis je, papa. Ik mis je na 15 jaar niet minder en betrap mezelf er soms nog altijd op te hopen dat je plots door de voordeur komt gewandeld na het gekende sleutelgerinkel.

Ik mis je warmte en zekerheid.
Ik mis slapen op je dikke warme buik.

Het is voor mij al-tijd twintig voor twaalf, voor al-tijd blijf je geworteld in mij, in ons.

'Liefde is alles' zei je, en dat begrijp ik nu, want liefde is al(les) tijd en ik blijf je ongelofelijk graag zien.

(uit: brief aan papa (Bart)


... nooit van jouw zijde geweken 9 dagen lang, maar toch nooit afscheid genomen, wij 2, want dit lag te zwaar voor ons beiden...? Ik kan met geen enkel woord uitleggen hoe ontzettend zwaar jouw 'vertrek' voor mij was/is...

(uit: brief aan moeke)


Op momenten als deze, wanneer we weer een jaartje verder zijn, voel ik een donkere gloed over me heen vallen. Een verdrietig en neerslachtig gevoel. Maar raar genoeg ook een waanzinnig voortdurend gevoel te willen leven. Beiden gaan hand in hand en ik voel onze connectie. De liefde die je me gaf die verder groeit in me.

(uit: brief aan papa)


Moeke, ondertussen begin ik hier te schrijven zoals jij deed, 44 jaar geleden. Maar nu geen velletjes met beperkte schrijfruimte, ook 't gewicht van 't papier speelt geen rol meer, de bestemming is veel dichterbij en de aankomst van de brief verzekerd. En ook al krijg ik deze keer geen blauw velletje meer van je terug, Moeke, toch is de cirkel van ons schrijven nu helemaal rond.
(uit: brief aan liefste Moeke)


Nooit geloofde ik, of kon ik begrijpen wat ouders bedoelden als ze het gevoel dat ze voor hun kinderen hebben, omschreven. Tot ik jou in mijn armen had. Wat was je perfect.
Voor altijd ben jij onze eerstgeborene, onze dochter. Voor altijd houden we van je en denken we aan jou. Voor altijd zal er een plek zijn dat jouw thuis is. Voor eeuwig, onze Loeniewoenie.

(uit: brief aan Luna, ons eertgeborene, onze dochter, ons kind, allermooiste meisje, van ons.)


Waar ik het moeilijk mee heb is dat ik jou nooit volledig zal leren kennen. Wie was de volwassene achter de ouder?
Die vraag stel ik mij vaak. Ik denk dat dat iets is wat je leert wanneer je zelf wat ouder wordt en deze kans is van mij afgenomen. Ook jij zult misschien niet meer te weten komen wie ik word en hoe mijn verdere leven eruit zal zien.
(uit: brief aan lieve papa)


Het gevoel dat je de verkeerde keuzes had gemaakt en de machteloorsheid die gepaard ging met het onvermogen om terug te gaan in de tijd, deden je je geloof in de toekomst verliezen. Onze toekomst.

Het liefdesverdriet dat jij in die laatste weken voor je dood had, heb ik nu ook. Nu ben ik degene die er alles voor zou doen om te kunnen teruggaan in de tijd. Misschien had ik je met de kennis die ik nu heb, beter kunnen helpen. Ik had je misschien beter kunnen overtuigen dat ik je nooit zou verlaten, dat de toekomst helemaal niet verloren was.

(uit: brief aan mijn lieve, prachtige Kyle)


Ik denk echt dat je dit - op lange termijn - niet had gewild. Er zou een tijd komen dat je je écht beter zou gaan voelen, en dan zou je - op jouw eigen manier - terug het leven leven. 
Je zou anders in het leven gaan staan, maar misschien wel met een betere en rustigere versie van jezelf. En genieten zou je.

(uit: brief aan lieve Lore)


Je was zo triest, zo ontroostbaar op het einde. Je had zoveel verdriet en dit is nu exact hoe ik me voel.
Zoveel verdriet dat ik niet goed weet hoe ik er moet mee omgaan.
Ik denk elk moment van de dag aan jou, met momenten stort ik helemaal in.
Alles voelt anders, ik probeer te genieten van de kleine dingen, maar op het moment lukt me dat nog niet zo goed.
Kon je maar terugkomen...

(uit: brief aan lieve Kyle, lief zooneke)


Sindsdien heeft mijn motto "Alles komt goed" en mijn visie over het leven toch een andere insteek gekregen. Er is een periode voor & na. Er is een periode waarin echt alles goedkwam & een periode waarin ik besef dat sommige dingen eenmaal niet kunnen goedkomen. Met jou te verliezen, ben ik ook een deeltje van mezelf & mijn (jeugdige) onschuld verloren. 

(uit: brief aan liefste mama)


Ik geloof dat je een hart van goud had. Eentje die te groot bleek voor deze wereld. Amper 2 maand kreeg je om te vechten. Tot een lieveheersbeestje jou kwam verlossen. Mam en pap bleven verweesd achter.

Kan je iemand missen die je eigenlijk nooit gekend hebt?

Ik denk steeds meer van wel.

(uit: brief aan lieve broer)


Je toonde mij een manier van leven. En ook al ben je hier niet meer, hier leef je nog. Je leeft verder in ons, sterker dan ik dacht dat dit kon. Hoe ik zo graag als jou zou worden, waarop jij zou zeggen dat ik alleen als mezelf moet worden. Ik beloof dat als er een leven is na de dood, ik jou als eerste zal zoeken.

(uit: brief aan mijn oma)


Daarom wilde ik jou nog laten weten dat het mij spijt dat ik nooit eerder dit besefte of stilstond bij jouw emoties, de impact op jouw leven. Ik kan jou nu vergeven omdat ik begrijp waarom dingen gebeurden. Ik ben dankbaar om de inzichten die ik nu heb en zal voortaan de mooie herinneringen koesteren.

(uit: brief aan pa)


We hebben vreugde en verdriet gekend zoals iedereen, maar telkens zijn we eruit gekomen met vallen en opstaan.

(uit: brief aan lieve Koen)


Nu pas, na 13 jaar, voel ik wat kwaadheid wegebben en het maakt plaats voor dankbaarheid. Dankbaar dat je mij 4 prachtige gouden kinderen schonk (en als ik ze nu zie dan hebben we dat samen toch niet slecht gedaan!). Dankbaar dat je 25 jaar in levende lijve mijn partner was, mijn grote liefde. En dankbaar dat je daar ergens boven in de wolken of aan het einde van die oranje tunnel op mij wacht en ondertussen waakt over mij, over ons...

(uit: brief aan mijn overleden man Dirk)


Lieve Noa, wat keken we uit naar deze datum. De moment dat we jou in onze armen zouden kunnen nemen. Alleen heb je dit niet gehaald. Je hebt hard gevochten en veel moed getoond, maar het was niet voldoende. Ondanks dit alles heb jij ons wel voor de eerte keer echt mama en papa laten voelen.

(uit: brief aan allerliefste Noa)


Ik geniet van het leven, met jou verborgen in een hoekje van mijn hart, altijd en overal!

Tu n'es plus là où tu étais mais tu es partout là où je suis.

(uit: brief aan mijn allerliefste Noémie)


Eigenlijk moet je in het leven gelukkig leren zijn met jezef en daar ben jij zeer goed in geslaagd. Je deed de dingen op jouw manier, maar je voelde je goed in je vel en dat is zeer belangrijk.

(uit: brief aan lieve mama)


Ik mocht het tegen niemand zeggen dat ik zwanger was. Het liefst wou ik het van de daken schreeuwen maar ik zweeg. Ik zweeg tegen iedereen, zelfs mijn eigen familie die tot op heden nog steeds niet weet dat jij ooit bestond.

Mijn lieve schat, ik draag je mee in mijn hart. Het ergste is dat ik niet weet wat er met jouw lichaampje is gebeurd en dat ik je nooit heb kunnen vasthouden.

... en wanneer het mijn tijd is om te gaan, hoop ik je eindelijk die knuffel te geven die je nooit hebt kunnen krijgen.

(uit: brief aan mijn lieve Eléna)


Wat zou ik jullie graag allemaal nog eens terug zien, ik heb het gevoel dat ik nog zoveel moest zeggen, vooral hoezeer ik jullie mis en van jullie hou.

Nu leef ik nog enkel met herinneringen, gelukkig veel mooie herinneringen, maar het is verdomd moeilijk en ik zou veel liever bij jullie zijn dan hier nog alleen rond te lopen.

(uit: brief aan liefste schatten)


Misschien hoor je wel het ruisen van de bomen en vang je vergeten kinderdromen.

De beer die je moeder in je kist bewaarde.

Misschien voel je wel het zuiverste wat er is.

De stilte. De liefde. En het grote gemis.

(uit: brief aan m'n zoetje)


Door jouw verlies papa, besef ik dit maar al te goed. Dat je van de kleine dingen moet genieten in het leven en moet koesteren wat je hebt.

(uit: brief aan papa Geert)


Lieve mémé, dit is geen afscheid. Ik ben er immers van overtuigd dat onze zielen verenigd zullen worden. Maar voor nu laat ik het verdriet los dat ik al decennia met me mee draag. In plaats van tranen wil ik sterretjes in mijn ogen als ik aan jou denk. En als ik dan in de spiegel kijk of in de ogen van iemand anders, wil ik de liefde voelen stromen.

Zoals jij het mij geleerd hebt.

(uit: brief aan liefste mémé)


... Ja, dat is echt wel zo, je manier van doen, je kracht, je motivatie, je doorzettingsvermogen, zijn allemaal dingen die ik ook heb en waarvoor ik zeer trots ben dat ik deze bezit.

Er zijn nog heel veel dagen dat ik aan je denk, raad vraag, verdriet heb. Nog steeds doet dat gemis zo een pijn!

(uit: brief aan lieve papa)


Mijn vader was heel bang om te sterven, zoals wij allemaal denk ik, hij is rustig ingeslapen. Onze grootste troost is nu dat hij terug bij ma is, en ze weer samen zijn.

(uit: brief aan mijn vader)

Je leerde ons de geur van het leven.

Je leerde ons de smaak van de liefde.

je leerde ons de kleur van het geluk.

(uit: brief aan jou)


Mijn lieve zoon,

Het is al een tijdje geleden dat ik jou werkelijk zag, vele mensen zijn jou bijna vergeten.
Maar voor mij ben je aanwezig, elke dag!

(uit: brief aan Cairo)


De laatste tijd krijg ik van anderen soms te horen hoe ik hen aan jou doe denken. Ik kan die opmerking alleen maar dankbaar en glimlachend aannemen. Ik wist wel dat je ons nooit helemaal zou verlaten.

Ik mis je en dat wil alleen maar zeggen dat jij zoveel voor mij betekend hebt in wie je was en hoe je dingen deed.

(uit: brief aan allerliefste moeke)


Gelukkig rolt je naam veel over onze tong en zal je altijd wel ergens ter sprake komen, gelukkig, want mijn grootste angst is dat je vergeten zult worden. Maar dat zal niet gebeuren. Je liet bij iedereen een te grote indruk achter en velen trekken zich aan jou op.

(uit: brief aan lieve Dries)


Ik kan zoveel over jou vertellen om te beschrijven wie je was voor ons, voor je familie, voor je vrienden...
Maar er is 1 rode draad waarin je ongelofelijk goed in was: en dat is dat je voor iedereen altijd jezelf was. En dat iedereen ook zichzelf kon zijn bij jou. 

Tijd wordt moeilijk in te vullen zonder jou.

(uit: brief aan mijn papa, André Andries)


Ik bewaar mezelf in je. En ik doe heel hard mijn best om jou te willen bewaren zoals ik je vroeger wou bewaren, je te begrijpen zonder je te be-grijpen. Ik wil je niet hebben, ik wil je niet verliezen.

(uit: brief aan jou)


Ik wil me verontschuldigen voor de soms banale discussies en ergernissen die ik met je gevoerd heb. Nu ikzelf ouder wordt, besef ik dat maar al te goed.

Kon ik je maar terughalen


Kon ik maar de tijd terug draaien en meer met je praten en je steunen. Ik heb veel en nog veel van je gehouden, je was een zachte man.

(uit: brief aan mamaatje en lieve papa)


Hopelijk is hij mijn gids die mij leidt in het leven.


The love between mother and daughter is forever.

(uit: brief aan Philippe en mama)


Je betekende zoveel voor mij: je was mijn beste vriend, mijn steun en toeverlaat, mijn wolfje, mijn zielsliefje, mijn soulmate.

Het is allemaal hartsverscheurend zwaar geweest.

Maar ik vergeef je en blijf voor altijd om je geven.

Laat je dragen daar.

(uit: brief aan liefste Johannes)


... dus ben ik nu alleen en heb het zeer moeilijk.

(uit: brief aan onze enige zoon en mijn overleden man)


We zien in het oneindig, op zoek naar jou. Het gemis, van het bellen, het vertellen, het horen van je stem. Het gaat maar niet over, kon ik je maar heel even horen/zien.

(uit: brief aan lieve papa)


Wat mis ik jou. Wat een gemengde gevoelens blijf jij toch oproepen, nu nog steeds. Jij koos voor het einde van dit verhaal, voor jou was dit einde in jouw hoofd al geschreven voor je ons op de hoogte bracht.

Was je je eigenlijk bewust van mijn schaduw in de achtergrond die zo mijn best deed, was je je bewust van mijn gevecht?

Ik mis de wortel die je voor ons gezin was, de lijm die je was tussen de drie zussen, ik mis mijn papa.

(uit: brief aan papa)


Met momenten wanneer ik je hulp zo hard nodig heb, is het zo confronterend dat je er niet meer bent. Momenten dat ik zo hard op zoek ben naar advies dat alleen jij me kan geven.


Ik ben niet door 1, maar door 2 rouwprocessen moeten gaan. Papa die overleden was. Mama die er nog steeds is maar niet op de manier waarop ik het zo graag zou willen. Als een echte mama.

(uit: brief aan lieve papa)


Toen je op pensioen ging, toen was je er helemaal voor ons en kreeg ik de vader die ik altijd wilde.

Weet je pa, ik heb een beetje van jouw as naar Heist aan zee gebracht en gezegd dat je nu echt naar de overkant mocht gaan. Het andere deeltje, daar ben ik te voet de Mont-Ventoux opgestapt, jij in de rugzak en ik bijna dood van vermoeidheid. De laatste 100 meter was ik zo moe, maar de wilskracht heeft het gehaald. Ik zie het nog altijd als mijn bedevaart en ik hoop dat je trots op me bent.

(uit: brief aan pa)


Ik heb het zo moeilijk te aanvaarden dat je er niet meer bent, zo plots, dat had niemand verwacht. Je hebt ons verlaten, ongewild, zonder afscheid te kunnen nemen en ik had nog zoveel vragen.

De deur staat op een kier open... Ik wacht op je. Dan zullen we dansen door het leven net als voorheen.

(uit: brief aan liefste Bernard, liefste schat)


Ik zou je nog zo graag willen 'spreken', willen aanraken. Middels deze brief kan ik je spreken, in mijn hoofd zie ik je en je haar kan ik nog aanraken.

Tranen hebben gevloeid, ik zit en ben alleen, maar ik weet dat jij ergens bent. En ik ga de confrontatie aan. Ik voel, ik ben verdrietig, voelde boosheid, geluk, liefde, humor.

Je bent en blijft mijn vadermans.

(uit: brief aan lieve papa, vadermans)


We riepen, maar je draaide niet, je zat opgesloten in jezelf. We kozen er niet zelf voor, maar waren genoodzaakt je te verlaten, omdat we zelf beetje bij beetje aan het sterven waren.

We begrijpen nog steeds niet hoe dit kon gebeuren. En misschien is het niet te begrijpen.

Jij bent nu daar en wij blijven hier met ons verdriet en de onbeantwoordde vragen.

Je deed wat je kon en wij ook.

onze boom is geveld.

(uit: brief aan Guy, dag papa)


De eeuwige wereld is niet zozeer een plaats maar eerder een wijze van zijn, een andere dimensie.

Je bent nu overal om ons heen, altijd tegenwoordig. Geen grenzen, geen ruimte, geen tijd die je van ons scheidt. We zien je niet et ons menselijk oog, maar we voelen je aanwezigheid.

(uit: brief aan meisje, m'n allerliefste lievelingsje)


Ik ben van jou die ik bemin
Dat is mijn slogan, mijn slagzin

We hebben heel lang en veel afscheid genomen. Samen gelachen, veel gepraat en nog meer geweend.

Het went niet. Nog altijd niet. En dat hoeft ook niet.

Je hebt me zo veel nagelaten om na te genieten.

Zie je, afscheid nemen lukt niet. En al doet het pijn, het doet ook deugd. Het niet loslaten.

(uit: brief aan liefste Frank, mooie man, mijn piepke)


Ik heb nooit gehoord van jou dat je van me houd, maar je daden spraken boekdelen.

Je was de zotste mama van allemaal.

Soms loop ik dagen met de gedachte om "mijn mama niet te vergeten te bellen.", alsof je juist op reis bent. Ik hoop dat het zo is en je zal genieten van jouw leven daar zonder verdriet.

(uit: brief aan mijn lieve mamaatje)


Ik mis je grote, elegante handen.
Die over mijn haren strelen.

Die de eeuwig zelfgerolde sigaret tussen wijs- en middenvinger klemmen.
Die het kopje zwarte koffie vasthouden, zowel overdag als 's nachts tijdens de eindeloze slapeloze uren.

Die mij als 2-jarige warmte en troost bieden.

Die je tranen wegvegen op de dag dat ik trouw omdat je mij niet meer onder je vleugels beschermt.

Die mijn kinderen wiegen en als je kostbaarste bezit koesteren.

Die reikten naar zij die het moeilijk hadden in de harde maatschappij.

(uit: brief aan papa)



Mama, laatst realiseerde ik mij dat jij ons veel liefde hebt gegeven, ondanks je eigen verdriet.
Zonder jouw liefde en waarden waren we niet de persoon die we zijn.

Er zijn momenten dat verdriet stroomt en dat is goed. Ik neem het niet meer mee. Ik draag het niet meer. Ik laat het "door" stromen.

(uit: brief aan lieve mama)


Mijn lieve Sander, vergeef mij alsjeblieft dat ik niet zag hoe gevoelig jij was, hoe lastig het was voor jou.

Hoe moedig jij was om vol te houden, tot het niet meer ging. Mijn hart is gebroken en er is een stuk uitgerukt.

Nu moet ik zien verder te leven zonder jou.

(uit: brief aan lieve, lieve Sander, mijne boom van ne vent)


Ik heb liefde te veel. En niemand om het aan te geven. Het sijpelt weg uit mij zonder bestemming.

Exclusieve liefde, enkel voor mijn kindje. Mijn kindje dat er niet meer is.
Jouw naam wordt minder vaak genoemd. Mensen gaan verder. Maar ik blijf staan.

(uit: brief aan mijn allerliefste Casje)


Had jij zelf nooit zin om samen met ons iets te doen?

Als je je leven over nieuw mocht doen, zou je dan dingen anders doen?

En wat had je nog willen doen?

(uit: brief aan va Louis)


Dat ik jou, na veertig jaar huwelijk ook moest laten gaan blijft niet te bevatten.

Al krijg ik nog zoveel complimenten over hoe ik nu in het leven sta, de dagen zonder jou zijn soms niet te doen.

(uit: brief aan lieve Harry, mijn maatje)


Ik mis je zo. Weet je nog toen wij samen onder de boom vielen en toen we wegliepen van de wind?

Dat waren mooie tijden. In mijn hart komen die steeds terug.

(uit: brief aan lieve opa)


Samen met oma stond je elke dag vroeg op voor die ene minuut aan het raam. Het was een mooi zicht, ik probeerde het elke keer in me op te nemen want ik was me bewust van de vergankelijkheid van dit moment.

Nu wuif ik je uit... niet omdat ik het wil maar omdat het nu eenmaal zo is dat jij er niet meer bent.

(uit: brief aan liefste vader, opa)


Rust nu maar zacht lieve broer, we zullen je nooit vergeten. Ik vind jou terug in de kleine dingen.

(uit: brief aan mijn lieve broer Andy)


Waar jij nu ook bent, ik weet dat je nog aan me denkt. Ik voel je nog en kan soms ook nog je stem horen.

(uit: brief aan lieve, lieve schat)